De Belegger

Macro · 21 september 2026 · 5 min leestijd

Trump voert de druk op Iran op en Hormuz blijft cruciaal voor olie en aandelen

De dreigementen tussen Washington en Teheran raken olie, gas, inflatie en aandelen. Waarom de fysieke aanvoer door Hormuz bepalend blijft voor beleggers.

Iran dreigt met vergelding als de Verenigde Staten opnieuw aanvallen, terwijl Donald Trump de druk opvoert in aanloop naar de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties. Voor beleggers staat daarmee opnieuw de energievoorziening centraal. Een verdere verstoring van de Straat van Hormuz kan doorwerken in brandstofprijzen, inflatie en de waardering van aandelen.

Trump schetste zondag in een interview met Fox News drie mogelijkheden: een overeenkomst met Iran, verdere economische druk of een zware militaire escalatie. Teheran waarschuwde op zijn beurt voor vergeldingsacties in het Midden-Oosten. Ook landen in de regio die een nieuwe aanval ondersteunen, zouden volgens de Iraanse krijgsmacht bij het conflict worden betrokken. CNBC meldde die wederzijdse dreigementen maandag.

Iran stelde over inlichtingen te beschikken dat de Verenigde Staten en hun bondgenoten een nieuwe grootschalige aanval voorbereiden. Volgens Reuters werd daarvoor geen bewijs overgelegd. Een Iraanse waarschuwing is daarmee geen onafhankelijke bevestiging dat Washington daadwerkelijk tot een nieuwe aanval heeft besloten.

Volgens Reuters zei Trump onder voorwaarden open te staan voor een ontmoeting met de Iraanse president Masoud Pezeshkian. Een afspraak is daarmee nog niet bevestigd. De ruimte voor diplomatie bestaat dus naast het risico op verdere escalatie.

Direct naar een onderdeel van dit artikel

Minder schepen, geen volledige stilstand

De scheepvaart door Hormuz blijft ernstig ontregeld. Volgens Reuters, op basis van scheepsgegevens, waren afgelopen weekend twaalf passages van grondstoffenschepen zichtbaar, tegenover 35 het weekend ervoor. Het werkelijke verkeer kan hoger liggen, omdat sommige tankers hun transponders uitschakelen. De beperkte doorvaart mag daarom niet worden verward met een volledige stilstand van alle olie-export.

De economische betekenis van de route is groot. Volgens het Amerikaanse energieagentschap EIA passeerde in 2024 gemiddeld twintig miljoen vaten olie per dag de zeestraat, ongeveer een vijfde van het mondiale verbruik van olie en andere vloeibare petroleumproducten. Die historische omvang laat zien waarom verstoringen ver buiten de regio voelbaar kunnen worden.

Tegelijk leidde de dreigende taal maandagochtend niet automatisch tot hogere olieprijzen. Reuters noteerde om 02.13 uur UTC een Brentprijs van $101,71 per vat, een daling van 2,08%. Dat is een momentopname uit de vroege handel. Voor de economische schade telt vooral hoe lang de bevoorrading onder druk blijft.

De voorraadbuffer wordt kleiner

Een deel van de verstoring wordt opgevangen door bestaande voorraden aan te spreken. Het Internationaal Energieagentschap, IEA, meldde in zijn septemberrapport dat de wereldwijd gemeten olievoorraden in augustus met 95 miljoen vaten daalden. Sinds februari bedroeg de afname 507 miljoen vaten.

Dat maakt het herstel van de aanvoer belangrijker naarmate de verstoring voortduurt. Voorraad kan een tijdelijk tekort overbruggen, maar moet later ook weer worden aangevuld. Een dalende olieprijs op één handelsdag zegt daardoor weinig over de ruimte die raffinaderijen en afnemers nog hebben om nieuwe tegenvallers op te vangen.

Daarnaast verschilt de prijs van ruwe olie van de rekening voor bruikbare brandstof. Het IEA wijst op spanning bij raffinaderijen en op hoge brandstofprijzen, met name voor diesel. Voor een luchtvaartmaatschappij zijn uiteindelijk de beschikbaarheid en de prijs van kerosine relevant. Een goedkoper vat Brent hoeft dus niet onmiddellijk te betekenen dat de brandstofrekening evenredig daalt.

Europa voelt het ook via gas

Hormuz is eveneens een belangrijk knelpunt voor vloeibaar aardgas. Volgens het IEA liep in 2025 bijna een vijfde van de wereldwijde LNG-handel via de zeestraat. Qatar en de Verenigde Arabische Emiraten hebben geen gelijkwaardig alternatief om deze volumes op de wereldmarkt te brengen.

Het directe Europese aandeel lijkt op het eerste gezicht beperkt: leveringen via Hormuz vormden volgens dezelfde bron ongeveer 7% van de Europese LNG-invoer. De indirecte blootstelling is groter. Wanneer Aziatische afnemers vervangende ladingen zoeken, concurreren zij met Europese kopers. Daardoor kan een tekort aan de andere kant van de wereld ook de Europese gasrekening verhogen.

Hogere inflatie en minder groei kunnen samengaan

De gevoeligheid van de eurozone komt terug in de septemberramingen van de Europese Centrale Bank. In het basisscenario voorziet de ECB voor 2027 een economische groei van 1,4% en een inflatie van 2,5%. In een ernstig energiescenario komen die cijfers uit op respectievelijk 0,4% en 5,4%.

Die laatste cijfers zijn geen voorspelling dat dit na de nieuwste dreigementen gaat gebeuren. De ECB gebruikt de scenario’s om de gevolgen van een grotere en hardnekkigere energieschok te onderzoeken en kent er geen kansen aan toe. De technische aannames zijn gebaseerd op marktgegevens tot 19 augustus, dus van vóór de ontwikkelingen van afgelopen weekend.

Voor beleggers is vooral de combinatie relevant. Hogere energieprijzen kunnen de koopkracht en bedrijfswinsten aantasten, terwijl aanhoudende inflatie snelle renteverlagingen lastiger maakt. Zwakkere groei hoeft dan niet vanzelf te leiden tot de lagere rente waarop de beurs hoopt.

De gevolgen verschillen sterk per onderneming

Onze beleggingsanalyse begint daarom bij de bedrijfsvoering. Een olieproducent kan steun krijgen van hogere verkoopprijzen, mits hij zijn productie kan blijven leveren. Als installaties stilvallen of export onmogelijk wordt, kan een hogere marktprijs het verlies aan volume onvoldoende compenseren. Ook een afzwakkende vraag kan een aanvankelijk voordeel weer verkleinen.

Bij luchtvaartmaatschappijen, transporteurs en energie-intensieve industrieën draait het juist om kosten en beschikbaarheid. Daarbij maken brandstofafdekkingen, langlopende contracten en de mogelijkheid om hogere kosten door te berekenen een groot verschil. Twee bedrijven uit dezelfde sector kunnen daardoor heel anders op dezelfde energieschok reageren.

Voor groeiaandelen loopt een deel van het risico via de waardering. Wanneer beleggers een hoger rendement eisen, daalt bij gelijkblijvende kasstromen de waarde vandaag van winsten die pas veel later worden verdiend. Dat is een rekenkundig effect, geen voorspelling dat alle technologieaandelen zullen dalen. Sterkere winstgroei kan daartegenover staan.

Ook na een koersdaling blijft de betaalde prijs relevant. Een aandeel wordt pas aantrekkelijker als de verhouding tussen koers, verwachte kasstromen en risico verbetert. Als de winstverwachtingen sneller dalen dan de koers, kan het aandeel ondanks die daling nog steeds duur zijn.

De onderstaande scenario’s laten zien welke ontwikkelingen het beeld voor verschillende sectoren kunnen veranderen. Het zijn mogelijke economische mechanismen, geen voorspelde beursuitkomsten.

DE BELEGGERHORMUZ

Hormuz: wat verandert er?

Van veilige vaart naar inflatie en bedrijfswinst.

Een gesprek is nog geen hervatte vaart.

Voorwaarde. Veilige vaarten, verzekeringsdekking en haventoegang herstellen aantoonbaar.

Volg eerst. Tankerpassages en oorlogspremies; daarna de herbevoorrading van afnemers.

Doorwerking. Ruimere aanvoer → minder olieprijsdruk → mogelijk minder inflatie- en rentevrees → lagere kosten.

SectorWat kan veranderen?
EnergieMinder prijssteun; herstelde productie kan dit deels compenseren.
Luchtvaart & grootverbruikersGoedkopere energie helpt zodra contracten en prijsafdekking doorwerken.
GroeiaandelenMinder rentevrees kan helpen, als de winstverwachtingen standhouden.

Redenering herzien: passages blijven uit. Een lagere olieprijs alleen bewijst geen herstel van de handel.

Scenarioanalyse: mogelijke mechanismen, geen voorspelde uitkomsten.

De Belegger ↗

Waar een duurzaam herstel aan te herkennen is

Een geloofwaardige ontspanning zou zichtbaar moeten worden in meer dan diplomatieke verklaringen. Voor de energiemarkt zijn een duurzaam herstel van de scheepvaart, beter verzekerbare routes en minder druk op voorraden concrete aanknopingspunten. Voor ondernemingen moet dat vervolgens doorwerken in leveringszekerheid en lagere kosten.

Daarbij verdient het verschil tussen ruwe olie en eindproducten aandacht. Als Brent goedkoper wordt terwijl kerosine, diesel of gas schaars blijven, kan de druk op huishoudens en bedrijven aanhouden. De richting van één oliecontract geeft dan een onvolledig beeld van de economische schade.

Een diplomatieke opening kan de risicopremie op financiële markten snel verkleinen. Het herstel van fysieke handelsstromen en bedrijfswinsten kan langer duren. Zolang dat herstel uitblijft, blijft Hormuz een kwetsbare schakel voor zowel de energievoorziening als de winstverwachtingen waarop aandelenkoersen rusten.

Deel dit artikel

WhatsAppXLinkedIn

Meer van de redactie

Alle artikelen ›

Meer in de app. Leden van De Belegger lezen elk artikel in de app — met de koers naast elke bedrijfsnaam, hun eigen portefeuille, de kalender met cijferdata en ex-dividend, hun watchlist en wat andere leden over hun aandelen zeggen.

Open dit artikel in de appGratis accountWord lid van De Belegger