De Belegger

Macro · 13 september 2026 · 4 min leestijd

De nieuwe box 3-belasting zorgt voor verdeeldheid en dit kan er veranderen voor jou

De discussie over de toekomstige belasting op vermogen is opnieuw losgebarsten. Vanaf 2028 moet Nederland in principe overstappen op een nieuw box 3-stelsel, waarbij het werkelijke rendement op spaargeld, beleggingen en vastgoed veel belangrijker wordt. Binnen de coalitie bestaat echter verdeeldheid over hoe dat systeem precies moet worden ingericht. Voor beleggers staat er behoorlijk wat op het s

De discussie over de toekomstige belasting op vermogen is opnieuw losgebarsten. Vanaf 2028 moet Nederland in principe overstappen op een nieuw box 3-stelsel, waarbij het werkelijke rendement op spaargeld, beleggingen en vastgoed veel belangrijker wordt. Binnen de coalitie bestaat echter verdeeldheid over hoe dat systeem precies moet worden ingericht.

Voorbeeld aandelenportefeuille
Voorbeeld aandelenportefeuille
Bedrag
Waarde begin jaar
€200.000
Rendement
+20%
Waarde einde jaar
€240.000
Ongerealiseerde koerswinst
€40.000
Aandelen verkocht?
Nee
Aanwasbelasting
€40.000 telt mee als rendement
Winstbelasting
Belastingheffing pas bij verkoop

Voor beleggers staat er behoorlijk wat op het spel. Vooral de keuze tussen een vermogensaanwasbelasting en een vermogenswinstbelasting kan grote gevolgen hebben voor de manier waarop aandelen, crypto en ander vermogen worden belast. Ook buiten Den Haag lopen de meningen daarom sterk uiteen.

Box 3 · Het rekenvoorbeeld
Aanwas of winst, dit scheelt het
Vermogensaanwasbelasting
Een portefeuille van 200.000 euro die 20% stijgt, levert op papier 40.000 euro winst op die direct wordt belast, ook zonder verkoop.
Vermogenswinstbelasting
Dezelfde stijging wordt pas belast bij daadwerkelijke verkoop; tot die tijd groeit het vermogen onbelast door.
De stand in Den Haag
Het uitgangspunt blijft een nieuw stelsel vanaf 2028, maar welke variant het wordt is nog niet definitief.
Direct naar een onderdeel van dit artikel

Belasting betalen over winst die nog niet is verkocht

Een belangrijk onderdeel van het geplande stelsel is de vermogensaanwasbelasting. Daarbij wordt ieder jaar gekeken hoeveel het vermogen in waarde is gestegen. Over die waardestijging kan vervolgens belasting verschuldigd zijn, ook wanneer een belegger zijn aandelen of andere bezittingen helemaal niet heeft verkocht.

Dat is een belangrijk verschil met een vermogenswinstbelasting. Bij zo'n systeem ontstaat de belastingheffing pas wanneer een belegger daadwerkelijk verkoopt en de winst realiseert. Vooral voor langetermijnbeleggers kan dat verschil groot zijn.

Overzicht
Vermogensaanwasbelasting
Vermogenswinstbelasting
Moment belasting
Ieder jaar
Bij verkoop
Ongerealiseerde winst belast?
Ja
Nee
Belasting zonder verkoop mogelijk?
Ja
Nee
Rente-op-rente
Eerder afgeremd
Kan langer doorlopen
Belangrijk nadeel
Belasting over papieren winst
Belasting kan worden uitgesteld

Wie bijvoorbeeld een aandelenportefeuille van €200.000 in één jaar met 20 procent ziet stijgen, heeft op papier €40.000 winst gemaakt. Bij een aanwasbelasting kan daar belasting over worden geheven terwijl geen enkel aandeel is verkocht. Een belegger moet de belasting dan uit ander vermogen betalen of mogelijk een deel van zijn portefeuille verkopen.

Wil je slimmer beleggen en direct vooroplopen? Als lid van De Belegger krijg je toegang tot deepdives, aandelentips, trainingen, premium content én live portfolio-inzicht, samen met een actieve community van beleggers.

Pak je kans! klik op de button, start direct en pak tijdelijk 50% korting met de code 'PREMIUM50'.

Word lid!

Cryptobeleggers vrezen grote koersschommelingen

Voor cryptobeleggers kan dit probleem nog groter worden. Cryptovaluta kunnen binnen enkele maanden tientallen procenten stijgen en vervolgens weer hard dalen. Daardoor kan een situatie ontstaan waarin iemand belasting verschuldigd is over een waardestijging die later grotendeels is verdwenen.

Cryptobelegger Rob Duijvestijn is daarom blij dat opnieuw naar het systeem wordt gekeken. Volgens hem kan de voorgestelde belasting ervoor zorgen dat het nemen van risico juist wordt afgestraft.

Een portefeuille kan bijvoorbeeld aan het einde van het belastingjaar op een zeer hoog niveau staan en enkele maanden later fors lager noteren. De belastingaanslag is dan gebaseerd op een winst die op dat moment niet meer volledig aanwezig is. Vooral beleggers die weinig contant geld naast hun portefeuille aanhouden, kunnen daardoor in de problemen komen.

Vastgoedbeleggers kijken er heel anders naar

Opvallend genoeg zijn sommige vastgoedbeleggers juist teleurgesteld dat invoering van het nieuwe systeem onzeker is geworden. Zij hebben momenteel te maken met een box 3-heffing waarbij voor bepaalde bezittingen met een fictief rendement wordt gerekend.

Voor verhuurders kan dat ongunstig uitpakken wanneer hun daadwerkelijke huuropbrengsten relatief laag zijn. Zeker bij woningen waarvan de huur nauwelijks kan worden verhoogd, kan het fiscale rendement aanzienlijk hoger uitvallen dan het bedrag dat daadwerkelijk binnenkomt.

Verhuurder Wim Steenks stelt zelfs dat zijn belastingdruk hoger kan uitvallen dan zijn huuropbrengsten. Hoewel belastingplichtigen onder voorwaarden hun werkelijke rendement kunnen doorgeven wanneer dat lager ligt, telt een stijging van de WOZ-waarde daarbij eveneens mee. Een woning die meer waard wordt, kan daardoor op papier alsnog een behoorlijk rendement opleveren.

Een systeem waarbij sterker naar daadwerkelijk rendement wordt gekeken, kan voor bepaalde vastgoedbezitters daarom aantrekkelijker zijn. Daarbij speelt wel een belangrijke voorwaarde: de mogelijkheid om gemaakte kosten af te trekken.

Pensioenbeleggen wordt mogelijk aantrekkelijker

De discussie heeft daarnaast gevolgen voor particuliere beleggers die hun vermogen gebruiken om voor later te sparen. Vooral zelfstandigen bouwen regelmatig vermogen op via een gewone beleggingsrekening in plaats van via een traditionele pensioenregeling.

Ondernemer Petra van Rooijen behoort tot die groep. Zij overweegt door de nieuwe box 3-regels om een groter deel van haar vermogen via pensioenbeleggen op te bouwen. Daarmee verandert niet alleen de manier waarop haar vermogen wordt belegd, maar ook het moment waarop belasting wordt betaald.

Bij pensioenbeleggen staat het vermogen in principe buiten box 3. Inleg kan binnen de geldende fiscale ruimte bovendien aftrekbaar zijn, terwijl later belasting wordt betaald wanneer de pensioenuitkeringen plaatsvinden. Daar staat tegenover dat het vermogen veel minder vrij beschikbaar is.

Voor Van Rooijen woog die flexibiliteit eerder zwaarder. Door het vooruitzicht dat jaarlijks belasting moet worden betaald over ongerealiseerde koerswinsten, wordt het fiscale voordeel van pensioenbeleggen volgens haar echter steeds belangrijker.

Groot verschil voor het rendement op lange termijn

Voor aandelenbeleggers draait de discussie uiteindelijk niet alleen om wanneer een belastingaanslag binnenkomt. Het moment waarop belasting wordt geheven kan ook invloed hebben op het rendement dat over tientallen jaren wordt opgebouwd.

Wanneer jaarlijks een gedeelte van het rendement moet worden afgedragen, kan dat geld daarna niet meer worden herbelegd. Daarmee wordt het rente-op-rente-effect gedeeltelijk afgeremd. Bij een vermogenswinstbelasting kan de belasting juist jarenlang worden uitgesteld zolang een belegger zijn aandelen niet verkoopt.

Dat maakt een winstbelasting vooral interessant voor beleggers met een lange horizon. Tegelijkertijd heeft zo'n systeem een nadeel voor de overheid: beleggers kunnen verkopen uitstellen om belastingheffing naar de toekomst te verschuiven. Daardoor kan de overheid belastinginkomsten veel later ontvangen.

Lees ook: Grote box 3-omslag vanaf 2028 kan zeer gunstig uitpakken voor beleggers

Politieke strijd blijft voorlopig bepalend

Welke kant Nederland uiteindelijk opgaat, is nog niet definitief. Het uitgangspunt blijft dat vanaf 2028 een nieuw box 3-stelsel moet komen waarin het werkelijke rendement centraal staat, maar over de precieze uitwerking bestaat politieke verdeeldheid.

Voor beleggers betekent die onzekerheid dat het lastig is om nu al grote financiële beslissingen uitsluitend op de nieuwe regels te baseren. De uiteindelijke keuze tussen belasting over jaarlijkse waardestijgingen en belasting bij verkoop kan namelijk een groot verschil maken.

Wel is duidelijk dat de discussie nu al gedrag begint te veranderen. Cryptobeleggers waarschuwen voor belasting over sterk fluctuerende papieren winsten, sommige vastgoedbeleggers willen juist sneller van het huidige systeem af en particuliere beleggers kijken nadrukkelijker naar fiscaal aantrekkelijk pensioenbeleggen. Daarmee heeft een belastingstelsel dat nog niet eens definitief is nu al invloed op de manier waarop Nederlanders naar hun vermogen kijken.

Deel dit artikel

WhatsAppXLinkedIn

Meer van de redactie

Alle artikelen ›

Meer in de app. Leden van De Belegger lezen elk artikel in de app — met de koers naast elke bedrijfsnaam, hun eigen portefeuille, de kalender met cijferdata en ex-dividend, hun watchlist en wat andere leden over hun aandelen zeggen.

Open dit artikel in de appGratis accountWord lid van De Belegger