De Belegger

Nederlandse aandelen

Een miljard euro aan eigen aandelen maakt Ahold Delhaize nog geen grotere supermarktgroep

Ahold Delhaize koopt voor €1 miljard eigen aandelen in. Dat helpt de winst per aandeel, maar alleen wanneer de operationele marge en vrije kasstroom het programma dragen.

In het kort

Ahold Delhaize koopt in 2026 voor €1 miljard eigen aandelen in. In het tweede kwartaal kocht de supermarktgroep 9 miljoen aandelen voor €340 miljoen. Over de eerste jaarhelft was al €564 miljoen besteed.

Inkoop helpt de winst per aandeel, maar maakt de onderneming niet groter. Wanneer de nettowinst gelijk blijft en het aantal aandelen daalt, stijgt de winst per aandeel mechanisch. Die hefboom werkt alleen voor blijvende aandeelhouders en alleen wanneer de onderneming niet te duur inkoopt.

De operationele marge blijft de echte motor. Ahold rapporteerde in het tweede kwartaal €23,2 miljard omzet en een onderliggende operationele marge van 3,9 procent. Een verschuiving van 0,1 procentpunt is op die omzet ongeveer €23 miljoen per kwartaal.

Supermarkten draaien op kleine marges en hoge omloopsnelheid. Dat maakt de sector minder spectaculair dan technologie, maar financieel niet simpel. Prijsinvesteringen, loonkosten, energie, logistiek en derving bewegen dagelijks door de resultaten. Een paar tienden procent marge bepalen het verschil tussen stabiele winstgroei en stilstand.

Ahold Delhaize gebruikt de vrije kasstroom voor investeringen, dividend, overnames en aandeleninkoop. Die laatste bestemming krijgt veel aandacht omdat zij de winst per aandeel kan verhogen. De relevante vraag is of de onderneming aandelen koopt onder de intrinsieke waarde en genoeg kas overhoudt om winkels, logistiek en digitale kanalen te verbeteren.

Wat koopt €1 miljard werkelijk?

Een aandeleninkoop is economisch een investering in het eigen bedrijf. Bij een gemiddelde koers van €34 koopt €1 miljard ongeveer 29,4 miljoen aandelen. Op een startbasis van 900 miljoen is dat ruim 3 procent. Het precieze effect hangt af van de gemiddelde aankoopprijs en eventuele nieuwe aandelen voor personeel.

Een lagere koers maakt hetzelfde budget krachtiger. Dat klinkt gunstig, maar alleen wanneer de lage koers niet terecht wijst op structurele winstdaling. Anders koopt het bedrijf wel meer stukken, maar van een zwakker winstvermogen.

De inkoop concurreert bovendien met andere investeringen. Ahold verwacht voor 2026 ongeveer €2,7 miljard bruto kapitaaluitgaven en minstens €2,3 miljard vrije kasstroom. Het dividend vraagt eveneens geld. Wanneer de kasstroom tegenvalt, moet het bedrijf kiezen tussen schuld, minder inkoop of minder investeringen.

Winst per aandeel kan groeien zonder winstgroei

De mechanische kant is helder. Stel dat de nettowinst €2,3 miljard blijft. Bij 900 miljoen aandelen is dat €2,56 per aandeel. Bij 872 miljoen aandelen stijgt dezelfde winst naar €2,64. Er is dan ruim 3 procent groei per aandeel zonder één euro extra bedrijfswinst.

Dat telt mee. Een onderneming die jarenlang ondergewaardeerde aandelen intrekt, kan per aandeel veel waarde opbouwen. De fout ontstaat wanneer beleggers deze groei verwarren met operationele vooruitgang. Omzet, winkelproductiviteit en vrije kasstroom zijn in dit voorbeeld onveranderd.

Inkoop boven de intrinsieke waarde kan juist waarde vernietigen. Dan betaalt de onderneming te veel om een klein deel van de aandelenbasis te verwijderen. De resterende aandeelhouder bezit wel een groter percentage, maar van een bedrijf met minder kas.

Het beste argument voor Ahold is de voorspelbaarheid van de activiteiten. Voedselconsumptie is relatief defensief, de merken hebben schaal en klantenprogramma’s leveren veel data. Eigen merken zijn inmiddels goed voor meer dan 40 procent van de voedselverkopen. Die producten kunnen prijsperceptie en marge ondersteunen.

Een tiende margepunt telt zwaar

Bij de cijfers van 5 augustus meldde Ahold €23,165 miljard kwartaalomzet. De onderliggende operationele winst was €906 miljoen, goed voor 3,9 procent marge. De Amerikaanse marge daalde bescheiden, terwijl Europa verbeterde.

De module laat zien dat 0,1 procentpunt op de kwartaalomzet ongeveer €23 miljoen operationeel resultaat vertegenwoordigt. Op jaarbasis kan dat richting €90 miljoen gaan wanneer de omzet vergelijkbaar blijft. Daarmee kan een kleine prijsinvestering of loonschok een flink deel van het effect van aandeleninkoop opslokken.

Online verkoop groeide in het tweede kwartaal 8,6 procent tegen constante valuta, met 14,5 procent groei in de Verenigde Staten. Online groei is waardevol wanneer bezorging en orderverwerking voldoende bijdrage leveren. Omzet zonder gezonde ordermarge kan de concernmarge verdunnen.

Bol groeide gematigder en had last van voorzichtige consumenten en een sterke vergelijkingsbasis. Het betaalplatform kreeg een vergunning van De Nederlandsche Bank. Dat kan het ecosysteem verdiepen, maar brengt ook operationele en regelgevende verplichtingen.

Lees ook: Deze aandelen kunnen hard dalen door de stijgende olieprijs volgens experts. De relatie tussen energie, koopkracht en consumentengedrag raakt supermarkten direct.

Wat moet €31,76 waarmaken?

Ahold bevestigde voor 2026 een onderliggende marge rond 4 procent, mid- tot high-single-digit groei van de onderliggende winst per aandeel bij constante valuta en minstens €2,3 miljard vrije kasstroom. Het kalenderjaar telt 53 weken, wat omzet en resultaat helpt maar de marge niet wezenlijk verandert.

Reverse valuation scheidt dividend en koers. Een belegger die 8 procent totaalrendement verlangt, ontvangt mogelijk een deel in cash. De resterende waarde moet in de eindkoers zitten.

Bij de standaardinstellingen wordt jaarlijks €1,20 dividend verondersteld. Dat is een scenario, geen toezegging. De opgerente dividenden worden eenmaal van de vereiste eindwaarde afgetrokken. Daarna deelt de module de eindkoers door de gekozen K/W om de benodigde winst per aandeel te vinden.

De vergelijking met tweemaal de halfjaarwinst van €1,26 is slechts een orde-groottecontrole, geen jaarprognose. Het tweede halfjaar, de 53e week, valuta en inkoop veranderen de uitkomst.

Negen mogelijke koersen

De scenario’s gebruiken winst per aandeel en K/W voor september 2027, 2028 en 2029. Dividend staat buiten de getoonde koersen. Daardoor kan koersrendement zonder dubbeltelling bij het cashinkomen worden opgeteld.

Het bearscenario veronderstelt vlakke winst en een lagere waardering. Het middenpad combineert bescheiden operationele groei met het effect van inkoop. Het gunstige pad vraagt hogere winst, een stabiele marge en een waardering die nauwelijks krimpt.

De sterke beleggerscasus is dat Ahold voorspelbare kasstroom gebruikt om dividend te betalen, winkels te verbeteren en goedkoop aandelen in te trekken. De zwakke casus is dat prijsconcurrentie, looninflatie en onlinekosten de smalle marge aantasten. Dan maskeert inkoop tijdelijk dat de operationele winst niet groeit.

De beste toets is daarom niet hoeveel aandelen in één kwartaal zijn gekocht. Het is of vrije kasstroom per aandeel stijgt nadat onderhoud, groei-investeringen en werkkapitaal zijn betaald. Pas dan koopt €1 miljard inkoopprogramma blijvende waarde in plaats van een optische winstverbetering.

Koersen van de genoemde bedrijven

AD

Koersen op die pagina's zijn vertraagd, met tijdstempel.

Lees ook

Deel dit artikel

WhatsAppXLinkedIn

Open in de app