De rel rond Van Weel legt een dure blinde vlek bij de politie bloot
Het debat over Van Weel raakt een economische vraag die achter de politieke rel verdwijnt. Hoe worden schaarse recherche-uren verdeeld en hoeveel extra capaciteit komt werkelijk bij zware zaken terecht?
In het kort
Het debat rond minister David van Weel draait om aangiften die niet zijn onderzocht en om de uitleg die de Kamer daarover kreeg. Achter de politieke strijd ligt een economisch probleem: schaarse politiecapaciteit moet worden verdeeld, terwijl inzicht in inzet en resultaten tekortschiet. Meer geld kan nodig zijn, maar garandeert zonder goede registratie en voldoende mensen geen extra onderzoek. De doorslag ligt bij de combinatie van behandelbare zaken, beschikbare uren en aantoonbare maatschappelijke opbrengst.
De overheid kan miljarden aan veiligheid uitgeven en toch onvoldoende weten wat een extra euro oplevert. Dat is de ongemakkelijke kern achter het debat met justitieminister David van Weel op 24 september. Een discussie over de juiste omschrijving van onbehandelde aangiften is daarom meer dan een woordenstrijd. Zonder een zuivere diagnose wordt ook de oplossing verkeerd begroot.
De Algemene Rekenkamer concludeerde in juni dat in 2024 ruim 10.000 aangiften van ernstige misdrijven niet werden behandeld. Ongeveer 7.000 waren bij voorbaat afgewezen; 3.000 waren vroegtijdig beëindigd wegens capaciteitstekort bij politie of Openbaar Ministerie. Die groepen zijn niet uitwisselbaar. Meer rechercheurs vormen niet automatisch een oplossing voor iedere afgewezen zaak.
Het onderscheid tussen de ernst van een zaak en beschikbare opsporingsaanknopingspunten is wezenlijk. De politieke beoordeling van zijn informatievoorziening staat naast de economische vraag die hier centraal staat: welke combinatie van personeel, selectie en organisatie levert daadwerkelijk meer rechtshandhaving op? Een uitkomst van het debat wordt in deze analyse niet vooruitgelopen.
Direct naar een onderdeel van dit artikel
Niet iedere openstaande zaak vraagt dezelfde oplossing
Bij een gebrek aan aanknopingspunten kunnen aanvullende gegevens, betere aangifteopname of nieuwe onderzoekstechnieken helpen. Soms blijven bruikbare aanwijzingen ook daarna ontbreken. Bij een aantoonbaar personeelstekort ligt de beperking elders. Dan bestaat mogelijk wel een onderzoekbare zaak, maar ontbreekt tijd om die op te pakken. De beleidsreactie moet met die oorzaak meebewegen.
Dat onderscheid voorkomt ook een misleidend rendementscijfer. Deel het gehele politiebudget door het aantal afgeronde zaken en je krijgt geen betrouwbare prijs per onderzoek. Politie levert eveneens hulpverlening en openbare-ordediensten. Grote onderzoeken kunnen meerdere jaren lopen en een uiteenlopend aantal feiten raken. Eén zware zaak kan veel capaciteit vragen, terwijl haar maatschappelijke belang veel groter is dan dat van tientallen eenvoudige zaken.
De Rekenkamer gebruikt een Crime Harm Index om de ernst van delicten te vergelijken op basis van opgelegde straffen. Dat is een indicator van ernst, geen eurobedrag aan schade en geen maatstaf voor de kans op succesvolle opsporing. Voor een economische afweging zijn daarnaast onder meer beschikbare aanwijzingen, benodigde uren en het effect op slachtoffers relevant. Het is onjuist die index rechtstreeks te vermenigvuldigen met een willekeurig bedrag per detentiedag en dat als bewezen baten te presenteren.
De eerste module maakt alleen het selectieprobleem zichtbaar. Uitgaande van afgerond 10.000 niet-behandelde zaken wordt het deel dat vooral door extra capaciteit kan worden geholpen als instelbare aanname getoond. Bij 30 procent zijn dat 3.000 zaken. De overige 7.000 verdwijnen daarmee niet uit beeld, maar vragen mogelijk andere maatregelen. De module voorspelt geen aantal veroordelingen.
Dit onderdeel is interactief — bekijk het in de app ›
Een extra medewerker levert minder dan een kalenderjaar onderzoek
Een formatieplaats is geen onbeperkte hoeveelheid inzetbare tijd. Verlof, opleiding, ziekte, overleg, administratie en begeleiding nemen uren in beslag. Sommige activiteiten zijn noodzakelijk om het onderzoek goed te doen; ze zijn niet allemaal verspilling. Wie het salaris van een medewerker deelt door theoretische werkuren, overschat daarom snel hoeveel extra zaken kunnen worden behandeld.
Neem een expliciet fictief capaciteitsvoorbeeld. Honderd extra voltijdsmedewerkers hebben elk 1.200 bruikbare onderzoeksuren per jaar. Als een aanvullende zaak gemiddeld 80 uur vraagt, ontstaat ruimte voor 100 maal 1.200 gedeeld door 80: 1.500 zaken per jaar. Bij €100.000 volledige jaarlijkse kosten per medewerker kost dit team €10 miljoen. Dat komt neer op ongeveer €6.667 capaciteit per behandelde zaak.
Dit is geen gemeten kostprijs van de Nederlandse politie. De gekozen uren, salariskosten en gemiddelde zaakduur zijn redactionele aannames. De rekensom laat juist zien welke informatie nodig is om een begrotingsclaim te toetsen. Verdubbelt de gemiddelde zaakduur naar 160 uur, dan halveert de capaciteit. Zijn slechts 900 uren beschikbaar, dan daalt de uitkomst eveneens.
Dit onderdeel is interactief — bekijk het in de app ›
Ook behandeld is nog niet opgelost. Onderzoek kan terecht eindigen zonder verdachte of zonder voldoende bewijs. Omgekeerd kan één onderzoek meerdere slachtoffers helpen en herhaling voorkomen. Daarom mag de calculator niet worden gelezen als een prijs per arrestatie, veroordeling of voorkomen misdrijf. Die verdere effecten vereisen eigen gegevens en een andere analyse.
Voor slachtoffers is een betere behandeling bovendien niet uitsluitend financieel van belang. Bereikbaarheid, terugkoppeling en een begrijpelijke beslissing doen ertoe. Een efficiënte organisatie moet deze kwaliteit bewaken. Meer dossiers sluiten kan op papier productief lijken, terwijl het probleem voor burgers groter wordt. Een betrouwbare beoordeling kijkt daarom naar doorlooptijd én inhoudelijke kwaliteit.
De omgekeerde vraag maakt een politieke belofte toetsbaar
Stel dat het doel is om jaarlijks 3.000 extra onderzoekbare zaken te behandelen. Bij 80 uur per zaak zijn 240.000 uren nodig. Met 1.200 bruikbare uren per medewerker zijn dat 200 voltijdsmedewerkers. Tegen de aangenomen €100.000 jaarlijkse kosten vraagt dat €20 miljoen per jaar.
Die uitkomst verandert niet doordat een motie scherper wordt geformuleerd. Zij verandert wanneer de zaakduur, productieve tijd of het doel verandert. Wie dezelfde opgave met honderd medewerkers wil oplossen, moet in dit voorbeeld de benodigde uren per zaak halveren of tweemaal zoveel bruikbare uren per medewerker organiseren. Dat laatste stuit al snel op fysieke grenzen.
Dit onderdeel is interactief — bekijk het in de app ›
De omgekeerde berekening helpt ook bij digitalisering. Een investering in betere systemen is economisch interessant als zij voldoende bruikbare tijd vrijmaakt of de kwaliteit aantoonbaar verhoogt. Bespaarde minuten zijn echter niet automatisch extra capaciteit voor een rechercheteam. De tijd moet vrijvallen bij medewerkers met passende bevoegdheden en vaardigheden, en op het moment dat zij kan worden ingezet.
Hetzelfde geldt voor geld verschuiven tussen taken. Minder inzet op openbare orde kan uren opleveren voor opsporing, maar verplaatst ook risico’s en maatschappelijke kosten. Een beleidskeuze wordt niet gratis doordat die binnen hetzelfde departement wordt geboekt. Dat is de reden om niet alleen extra budget, maar ook verdrongen werkzaamheden zichtbaar te maken.
Personeelsgroei werkt met vertraging door
Een team ontstaat niet op de dag dat geld wordt toegezegd. Werving, opleiding, begeleiding en samenwerking met het OM kosten tijd. Daarom vergelijken we drie eigen ingroeipaden voor 2027, 2028 en 2029. Het doel blijft 3.000 aanvullende zaken per jaar, bij de aangenomen 80 uur per zaak en 1.200 uren per volledig inzetbare medewerker.
In het basisscenario groeit de inzetbare capaciteit van 100 naar 150 en vervolgens 200 medewerkers. Dat levert respectievelijk 1.500, 2.250 en 3.000 zaken per jaar op. Bij snelle instroom wordt direct elk jaar 200 medewerkers bereikt en dus telkens 3.000 zaken. Bij trage instroom zijn er 50, 100 en 150 inzetbare medewerkers, goed voor 750, 1.500 en 2.250 zaken.
Dit onderdeel is interactief — bekijk het in de app ›
Met dezelfde aangenomen kosten per medewerker bedragen de jaarlijkse personeelslasten in het basisscenario €10 miljoen, €15 miljoen en €20 miljoen. Kosten van opleidingen vóór inzetbaarheid en eenmalige investeringen zijn niet inbegrepen. De module rekent evenmin met nieuwe instroom van onbehandelde aangiften. Zij laat een aanvullende jaarcapaciteit zien, geen voorspelling dat een historische achterstand op een bepaalde datum is verdwenen.
De sterkste tegenwerping tegen nadruk op registratie is dat de politie niet kan wachten op perfecte managementinformatie. Extra mensen kunnen ondertussen wel degelijk nuttig werk verrichten. Dat argument is terecht. Een gebrek aan meetgegevens bewijst niet dat personeel geen waarde heeft, en mag geen excuus worden om noodzakelijke capaciteit te onthouden.
De keuze is daarom niet tussen meten en handelen. Gerichte versterking kan samengaan met een beperkte, bruikbare set gegevens over instroom, selectie, inzetbare uren en afhandeling. Registratie moet het werk helpen, zonder rechercheurs in een tweede bureaucratische taak vast te zetten. Een systeem dat alleen meer formulieren oplevert, lost de blinde vlek niet op.
Het oordeel over de economische kant van deze affaire is helder. Een minister moet kunnen uitleggen welk tekort extra geld oplost, hoeveel behandelbare zaken daardoor verder komen en welke werkzaamheden daarvoor wijken. Het bewijs dat de conclusie zou verbeteren is concrete voortgang bij vergelijkbare zaken, met betrouwbare gegevens over uren, kwaliteit en resultaten. Een groter budget alleen is daarvoor onvoldoende.
Lees ook: waarom de dekking van overheidskeuzes ook bij box 3 doorslaggevend is.
Omslag: David van Weel, 29 januari 2025. Andy Taylor / UK Home Office, via Wikimedia Commons, CC BY 2.0. Archiefbeeld, bestaande uitsnede.
Bronnen
- Algemene Rekenkamer rekenkamer.nl
- Wikimedia Commons commons.wikimedia.org
- CC BY 2.0 creativecommons.org
Lees ook
- Een spoorblokkade van een middag kost meer dan alleen een ton26 september 2026 · Van de redactie
- Zó ver ligt een geslaagde dronedemonstratie op zee nog van de terugkerende omzet die Rheinmetall moet waarmaken26 september 2026 · Van de redactie
- Dít is waarom de eurolijn van de VanEck Semiconductor ETF je niet tegen de dollar beschermt26 september 2026 · Van de redactie
- Reken mee hoeveel euro zuiniger rijden je per jaar oplevert en wanneer omrijden voor goedkope benzine die winst weer opslokt26 september 2026 · Van de redactie
- Pharming krijgt Priority Review maar de kleinste Joenja-dosis moet nog omzet worden26 september 2026 · Van de redactie